 | Opleidings- en trainingsinstituut Matching | | Nieuwe kennis. Gedachtemanagement en motivatiemanagement |
| | |
|
Voorwoord uit het nieuwe e-book
Als kind heb je geleerd hoe je moet denken. Van jouw ouder(s) en andere mensen uit jouw omgeving. Net zoals wij het onze kinderen weer leren. Met de ontdekking van het speelveld van ons denken, die de begrenzing aangeeft van de mogelijkheden die wij met ons denken hebben, werd voor ons duidelijk dat er een fout zit in hoe wij mensen denken. De fout die wij weer doorgeven aan onze kinderen. Een fout die jou tegenhoudt om verder te groeien, je verder te ontwikkelen. Je hebt niet geleerd om de grenzen te herkennen die wij als mens met ons denken hebben. Daardoor schieten je gedachten alle kanten op. Wanneer jij denkt ben jij je niet bewust van die grenzen en dat speelt een rol bij piekeren, stress, burnout, veel angsten, onzekerheid, verlegenheid, identiteit, en is van invloed op stemmingen. Het veroorzaakt onnodig veel denken. Je denken leidt een eigen leven, zonder dat jij daar grip op hebt.
In dit boek wordt het nu, de stem in je hoofd, het speelveld van je denken en drie kerngedachten beschreven. Tezamen vormen deze drie kerngedachten een filter wat er voor zorgt dat je binnen de bandbreedte blijft denken. Dit filter voorkomt piekeren, zorgen maken, stress en je leert creatiever te denken. Dat is deel één van het Gedachten Analyse Programma (GAP).
Deze nieuwe en eenvoudige manier geeft je de mogelijkheid om je manier van denken aanzienlijk te verbeteren. Je maakt kennis met het speelveld van je denken en drie kerngedachten. Met de kennis 5
hiervan kun je jouw denkpatronen doorbreken en je als mens verder ontwikkelen. Dan kun je ervaren dat er meer mogelijk is.
Het Gedachten Analyse Programma is bedoeld als een leer- en groeiproces. Dat betekent wel dat je er iets voor moet doen. Je moet er zelfs voor leren. Moeten in oorzaak en gevolg. Vergelijk het leren met het leren van verkeersborden. Je begint ook met het kijken naar het bord en leert de tekst die daarbij hoort. Eenmaal geleerd zie je het bord en in een flits weet je het. Niet inrijden! of iets anders. Zo is het ook met de kerngedachten.
Deel 1 wordt gratis verspreid, omdat wij van mening zijn dat de huidige manier van denken een belangrijke rol speelt bij de manier waarop de mens met zichzelf en zijn omgeving omgaat. Iets in ons zorgt ervoor dat we maar doorgaan. Dat iets, hebben wij ontdekt, zit in onze manier van denken. Daarom is dit een bijdrage aan een betere denkwereld.
In deel 2 wordt de kernidentiteit beschreven en de drie kerngedachten: de mensen in je denken, opdrachten en besluiten en wordt gebruikt in workshops die wij met het GAP geven. Ook worden zij in het boek Gedachtemanagement beschreven.
Ernie en Herman Beuker
|
Jaren geleden zag ik een film waarin een man zichzelf in de spiegel bekeek. Een succesvol man, ingenieur en dit was de dag van zijn bruiloft. Hij trouwde de dochter van zijn werkgever.
“Is dit het nu?”, vroeg hij zich hardop af. “Is dit nu het leven?”
Paniek overviel hem en hij rende naar buiten, startte zijn nieuwe Mercedes en reed met grote snelheid weg. Hij reed en hij bleef rijden. Totdat hij uitkwam in Afrika, zijn auto wegdeed en afscheid nam van al die materiële zaken waar hij zo hard voor had gewerkt.
Het meisje wat hij tegenkwam was anders. Van haar leerde hij vrij te zijn. Voor het eerst voelde hij zich gelukkig. Totdat. Zijn vriendin werd ziek en werd opgenomen in een ziekenhuis. De verpleegster nam hem even apart.
"De kosten, hoe wilt u dat doen?"
Hij zocht werk en vond dit. Een baan als vrachtwagenchauffeur. Met zijn kennis en zijn vaardigheden, zo bleek, kon hij een toegevoegde waarde hebben. Hij repareerde motoren, gaf tips en al snel klom hij op in de organisatie.
Op het einde van de film, dronken van de whisky, kwam het besef. Hij zat weer in de situatie waar hij voor gevlucht was.
Wordt het tijd dat we met ons denken aan de gang gaan? Situaties roepen gedachten op en die
bepalen onze reactie. Dat is onze levenscyclus. Het is druk en we gaan harder denken, in plaats van juist dan rustiger te worden.
We kijken naar de situatie. Dat is het probleem en proberen daar verbetering in te brengen. Iets wat alleen maar toe te juichen is, met één kanttekening. Zolang we daar niet onze manier van denken bij betrekken worden we gestuurd door en zijn we afhankelijk van situaties.
Moraal van dit verhaal. Je kunt vernieuwen, veranderen, maar als je het oude denkpatroon meeneemt kom je, voor dat je het weet, weer in oude situaties.
|
Nu is de werkelijkheid. Keer steeds terug naar het nu en kijk van daaruit naar het verleden en de toekomst.
Had ik deze zin gelezen voordat ik dit ontdekte en ervaarde, dan weet ik nu niet zeker of ik verder was gaan lezen. Rationeel als ik was en omdat ik het nog niet had ervaren, waren het misschien wel woorden gebleven die ik hooguit met logica had benaderd. Hetzelfde geldt voor de zin: het zit allemaal in ons denken, het verleden en de toekomst. Alsof je na een schok of een verschrikkelijke ervaring met het GAP je schouders op kan halen en weer vrolijk verder kan gaan. Toch is dit moment de werkelijkheid. Dit moment dat je deze woorden leest. Dit is het nu, zo dichtbij is het. Dit is de positie van de werkelijkheid.
In die positie en ook met het besef van die positie herken ik ze. De toekomstgerichte overtuigingen, de niet herkende fantasie gedachten, de niet te beantwoorden vragen. Dat is op dit moment het belangrijkste. Het helpt me om binnen de bandbreedte te blijven denken. Om niet weg te zakken in zekerheden over de toekomst. Om niet weg te zakken in scenario’s die ik bedenk over wat een ander denkt en voelt. De rem zit op de invullingen van hoe een ander zal reageren. Ik weet het niet, ik kan het niet weten.
Inschatten kan ik het wel, maar dat is geen wegzakken. Hetzelfde geldt voor al die vragen. Hoe het af zal lopen. Of ik er uit zal komen. Of het zal lukken en al die andere niet te beantwoorden vragen. Dat dank ik aan die positie en meestal het besef van die positie.
Dan denk ik aan al die mensen uit het verleden, die ik voorbij zie komen. De angsten, de paniek, de verwachtingen, de teleurstellingen. Het ging over werk, relaties, opvoeding, allemaal situaties. Daar lag de oorzaak, was hun beleving. Situaties die gedachten opriepen. Allemaal gedachten die buiten de bandbreedte vielen. Buiten het speelveld van hun denken. Keer steeds terug naar het nu. Dan besef je misschien, net als ik, hoe ver we van de werkelijkheid afstaan.
|
Het leven bestaat uit situaties en gebeurtenissen. Je wordt er een levenlang mee geconfronteerd. Van alles komt op je af. Een opmerking, een vraag, een tegenvaller, een meevaller, een gebaar, het weer, een persoon, een bericht, de woonsituatie, de werksituatie, kortom alles wat gedachten oproept en waar je dus met jouw denken mee bezig bent. Er komt veel op je af. Je hebt veel om over na te denken.
Misschien herken je het, dat je af en toe stop wil zeggen wanneer je denkt. Bijvoorbeeld wanneer je je zorgen maakt, piekert, spanning voelt, jaloezie, of iets anders waar je last van hebt. Misschien herken je dan ook dat het denkproces soms niet is te stoppen of weer terugkomt. Het GAP laat je zien hoe je dat doet. Hoe je zelf zorgen, spanning en al die andere zaken waar je last van hebt, met gedachten opbouwt. We zijn nog steeds aan het overleven, maar het gaat zich steeds meer tegen ons keren. Meer en meer en beter en beter, is de jacht van de mens. De prijs die we betalen is de gevangenis van ons denken. Een gevangenis waar we nog maar niet uitkomen.
Denken, verstand en gevoel zijn uit evenwicht. Er is daardoor geen keuze meer. We moeten door, we moeten verder, alsof we worden aangedreven. Op weg naar de toekomst.
Echter, we worden niet aangedreven, we doen dit zelf, door onze manier van denken. Die ontdekking geeft mogelijkheden. De verlossing zit in ons, in onze eigen manier van denken.
|
Omdat de stem in je hoofd zijn begrenzing niet kent, heeft het ook geen enkele reden en ook geen mogelijkheid om te stoppen met denken. Het probeert op alles een antwoord te vinden. Geleerden buigen zich over vragen als: Bestaat er een God? Andere vragen zich af waarom we op deze wereld zijn. Maar de wetenschap is en blijft een afspiegeling van menselijke vermogens en het ligt niet binnen ons vermogen om hier antwoorden op te vinden. Hetzelfde geldt voor een vraag als: Hoe zal dat aflopen, of: Hoe kan hij dat nu doen? De vraag is er en ons brein gaat op zoek naar het antwoord. Dat komt niet en dat kan ook niet komen. Hoe iets afloopt, ligt in de toekomst en stuit op de begrenzing van dat we niet weten wat de toekomst brengt en hoe hij dat nu kan doen, dat motief, zit in het hoofd van de ander en stuit op de tweede begrenzing en die is dat we niet kunnen weten wat een ander denkt. Dit gegeven zou voor de stem in ons hoofd genoeg moeten zijn om te stoppen. Dat gebeurt echter niet. De stem, gericht op bescherming, wordt juist heel actief en het wordt druk in je hoofd. Komt er namelijk geen antwoord uit je geheugen, dan gaat het creatieve deel van je brein aan de gang. Het kan een maalproces worden, vol met fantasieën. En zo begint het piekeren en zo wordt het in stand gehouden. Als de film loopt, dus als je denkt, en je pikt er dan een niet te beantwoorden vraag uit, dan is het mogelijk dat je er wel antwoord op vindt. Neem een vraag als: Waar doe ik het allemaal voor. Normaal gesproken, is het een vraag die voorbij komt, zonder dat je er bij stilstaat. Probeer eens terug te denken aan een moment, dat je aan het piekeren was. Het proces begon misschien met een onverwachte situatie. Er kwamen daarna vanzelf vragen naar boven als: hoe kan dat nou?, loopt dat wel goed af?, hoe zal hij of zij reageren?, en dergelijke. Doordat je onbewust zulke vragen in je gedachteproces gooit, loop je de kans dat je blijft malen. Dit soort vragen liggen niet alleen aan de basis van piekeren. Ze kunnen ook aanleiding zijn voor verlegenheid en angst. Hoe het gedachteproces precies verloopt, verschilt van situatie tot situatie en van persoon tot persoon. Maar het denkproces dat leidt tot piekeren, zorgen maken, angstig worden, verlegen zijn, werkdruk ervaren, heeft bij iedereen hetzelfde patroon. De aaneenschakeling van gevoelens en gedachten is te vergelijken met een rij dominostenen. Als er één valt, dan volgt een kettingreactie. Haal je er echter één steen tussenuit, dan stopt de kettingreactie en zal de rest van de rij dominostenen blijven staan. In je denkproces kan een niet te beantwoorden vraag, een overtuiging of fantasie de dominosteen zijn die de rest het fatale duwtje geeft. Wanneer je het vermogen hebt om die kerngedachte bij jezelf te herkennen, dan kun je het denkproces stoppen, dat anders zou leiden tot een kettingreactie van gedachten.
|
Met ons denken gaan we terug naar het verleden en creeren we een beeld van de toekomst. Dat stelt ons in staat om op grond van eerdere ervaringen, onze richting te bepalen voor de toekomst.
Waar we ons echter niet van bewust zijn is dat we met herinneringen ook een gevoel terug kunnen halen. Is dit een negatief gevoel, dan kleurt dat onze beleving. Zo kan iets dat al lang voorbij is, nog steeds het leven van nu beinvloeden.
We denken aan de toekomst en krijgen daar een gevoel bij. En ook hierbij gebeurt hetzelfde. Geeft dit toekomstbeeld een negatief gevoel, dan kleurt dit onze beleving. We denken onszelf niet goed en dat doen we met zes soorten gedachten.
Door de ontdekking van deze zes groepen gedachten wordt het mogelijk deze, tussen al die gedachten die we hebben, te gaan herkennen. Want het zijn die gedachten die bepalend zijn voor ons handelen, ons gedrag, de besluiten die we nemen, de beleving die we hebben en de positie die we in het leven innemen.
Bepalen hoe je eigenlijk bent, ontkoppelt het denken in oorzaak en gevolg. Dat wordt dan ook de basis waarop je steeds terug kan vallen en een maatstaf is voor jezelf. Ben je niet zo, dan weet je dat je ‘niet goed’ bent op dat moment en wordt het tijd om te gaan luisteren naar en te leren van de zes groepen gedachten die je hoort.
|
Leren om steeds terug te gaan naar het nu, met jouw kernidentiteit als basis, is de positie die jij jezelf met deze kennis kan geven.
Je bent dan zoals je eigenlijk bent en blijf je niet 'in je hoofd zitten' als je een verkeerde opmerking hoort, als je niet weet hoe iets afloopt of als je een tegenslag hebt gehad.
Een gedachte, die je gaat herkennen als een kerngedachte, die je eerst als waar en goed waardeerde, bijvoorbeeld een toekomstgerichte overtuiging, ga je opnieuw waarderen.
Is die gedachte dan ook nog zo goed, dan is er niets aan de hand. Integendeel zelfs, want dan is dat een bewuste keuze geworden.
Maar regelmatig zal het voorkomen dat je een gedachte tegenkomt die je met deze kennis anders gaat waarderen.
Dat is het herwaarderen. En elke herwaardering is een stapje. Zo kun je het zien, stapje voor stapje. Gedachte na gedachte.
Elke herkenning betekent: even aan de slag. Het begin kan even lastig zijn, vooral omdat het nieuw is.
Met een andere manier van denken ontstaat een andere manier van leven en dan met name het besef dat de toekomst een fantasie is en het verleden een herinnering waar je alleen nog maar van kan leren.
Want zo af en toe, dan komt er weer een gedachte en voor je het weet dan ga je weer. Soms een kwartier, soms een halve dag en af en toe zelfs dagen, al komt dat met deze kennis steeds minder voor.
Je voelt je dan niet goed en het is druk in je hoofd. Daaraan kun je het herkennen.
|
Ik vroeg me af of dit nu iets van mij alleen was. Ergens kon ik mij dat niet voorstellen, maar ik wist het niet.
Elk deeltje, bij elke ontdekking, heb ik aan mensen gevraagd of zij dit ook kennen. En zo heb ik de afgelopen jaren aan vele mensen gevraagd hoe hun denken bij hen werkt.
Ze kenden het allemaal. Het je zo maar niet goed voelen, de angsten over de toekomst, die stem in hun hoofd die maar door blijft babbelen, niet gewoon jezelf kunnen zijn, het zoeken naar evenwicht en nog veel meer.
Mensen met eerst veel beschermingen, waardoor ik niet of nauwelijks kon inschatten wat ze nou werkelijk dachten of voelden. Beschermingen in de vorm van gedachten. Bij alle mensen steeds dezelfde soort gedachten, die ik de kerngedachten heb genoemd.
Ik zag de maskers vallen die hun werkelijke ik camoufleerden. Wie ik daarachter zag, was zachter, rustiger, meer open, gelukkiger en vooral authentieker. Voor mij was dat het moment dat ik mensen zag stralen. Ik heb er geen ander woord voor. Dat was het moment dat er echt contact was. Ben je dit? Vroeg ik hen dan. Ja, zeiden ze, dit ben ik. Enkele dagen later was het weer weg, hoorde ik soms en dat deed me besluiten om na elk coachinggesprek ‘huiswerk’ mee te geven in de vorm van oefeningen. Daarmee ontstond de combinatie van coaching en zelfcoaching.
|
| | |
|